De totstandkoming van Zoogdierbescherming Nederland
Zoogdierbescherming Nederland is in 1952 in Rotterdam in Diergaarde Blijdorp opgericht als de Vereniging voor Zoogdieronderzoek. De vereniging had de ambitie in de hele Benelux actief te zijn. Nog hetzelfde jaar werd in Antwerpen de naam gewijzigd in Vereniging voor Zoogdierkunde en Zoogdierbescherming, afgekort VZZ.
Een belangrijke stap werd genomen in de tachtiger jaren toen de VZZ onderzoeksopdrachten ging uitvoeren. Dit groeide al snel uit tot het bureau van de VZZ. In 2004 kreeg het bureau een eigen status als Steunstichting VZZ en een eigen bestuur. Het doel was om de vereniging nog beter te ondersteunen en tegelijkertijd de vereniging te beschermen tegen financiële risico’s.
ANBI-status en de stichting
Het bureau kende voorspoed en tegenslag, maar in 2022 werd een volgende stap gezet om ook de stichting de ANBI status te kunnen geven. Het bureau kreeg dezelfde doelen als de vereniging (die sinds 2010 officieus en sinds 2023 officieel Zoogdiervereniging heet) en werd een stichting, de Zoogdierstichting. In dat proces is kort verkend of het hebben van twee aparte entiteiten, een vereniging en een stichting, nog de best passende organisatievorm was. Het bleek al snel dat de tijd te kort was om tot een gedegen verkenning en besluit hierover te komen. Wel is in 2022 in een gezamenlijke communicatiestrategie vastgelegd wie we willen zijn. Wij willen wilde zoogdieren in Nederland een stem geven om het duurzaam samenleven met hen mogelijk te maken.
Opdracht voor verkenning
In 2023 heeft het bestuur van de Zoogdiervereniging de opdracht gegeven om uit te zoeken welke organisatiestructuur het best past bij wie we willen zijn. Daarbij moesten minimaal drie scenario’s worden onderzocht op hun voor- en nadelen.
- Handhaven van een vereniging en een stichting versus samenvoegen tot één entiteit.
- Handhaven huidige bestuursmodel versus andere manieren van governance zoals een ledenraad als hoogste orgaan i.p.v. een ALV of een raad van toezicht.
- Handhaven diversiteit aan mogelijkheden (o.a. werkgroepen en redacties) als middel voor leden en vrijwilligers om invulling te geven aan onze doelstellingen versus andere manieren om de (vrijwillige) inzet van betrokkenen mogelijk te maken.
Bij het afwegen van voor- en nadelen moest in ieder geval aandacht zijn voor de belangen van leden, medewerkers en opdrachtgevers. Per onderzocht scenario moesten de voor- en nadelen beschreven zijn, zodat het bestuur en de Algemene Ledenvergadering (ALV) het uiteindelijke advies konden navolgen. Bureau BMC kreeg uiteindelijk de opdracht gegund en heeft een proces ontworpen dat tot een gedragen resultaat zou kunnen leiden.
Aan de slag
Er werd een commissie benoemd die dit proces ging trekken, bestaande uit vier bestuursleden plus de directeur van de stichting. De overige drie bestuursleden bewaakten het proces. Ook werd een klankbordgroep in het leven geroepen met daarin twee vertegenwoordigers van elk van de volgende geledingen: oud-bestuursleden, werknemers, leden, werkgroepen en vrijwilligers.
De rol van de ALV
De ALV was het hoogste orgaan van de vereniging. Het organisatieproces is gestart tijdens de voorjaars-ALV van 2023 en heeft zijn finale besluiten genomen in de voorjaars-ALV van 2026. In de tussentijd zijn er twee enquêtes onder de leden, 21 gesprekken met externe organisaties, twee heidagen met de medewerkers en in totaal tientallen bijeenkomsten geweest met het bestuur, de klankbordgroep, werkgroepen, vrijwilligers, het MT van de stichting en de commissie zelf.
Gedurende het proces is in de opeenvolgende ALV’s stap voor stap naar de finale besluitvorming toegewerkt. De commissie legde steeds verantwoording af over de genomen stappen en het bestuur legde steeds deel- of tussentijdse besluiten voor.
Waar we begonnen met de vraag of we niet beter de vereniging en de stichting tot één organisatie konden samenvoegen en of we de besturing niet anders moesten regelen, werd uit de gesprekken met de externen al heel snel duidelijk dat bescherming enerzijds en kennis en onderzoek anderzijds onder één dak niet wenselijk is omdat het verschillende vaardigheden vereist en omdat de schijn van belangenverstrengeling aantoonbaar tegen ons werkt. Het werd helder dat hierdoor beide doelen niet optimaal kunnen worden ingevuld en dat dit in toenemende mate tot vragen en opmerkingen leidt.
Toen duidelijk werd dat onderzoek en bescherming elkaar weliswaar nodig hebben, maar beter apart georganiseerd kunnen worden, heeft de ALV formeel opdracht gegeven om voorstellen te maken voor besturing en doelstellingen om te kunnen komen tot een volwaardige beschermings- en onderzoeksorganisatie. Daarna heeft de ALV bevestigd dat de commissie op de goede weg was, maar ook voorstellen afgewezen en advies voor de verdere voortgang gegeven. Nadat er enige vertraging in het proces was opgetreden doordat de commissie in de loop der tijd kleiner was geworden, nam de najaars-ALV van 2025 het principe besluit om de Zoogdiervereniging om te vormen tot Zoogdierbescherming Nederland.
Het besluit
Omdat er over de voorliggende statuten voor Zoogdierbescherming Nederland eind 2025 nog teveel open eindjes waren, werd het definitieve besluit over de vorming van Zoogdierbescherming Nederland pas genomen op de ALV van 22 januari 2026. Er lagen twee voorstellen voor waarin alle vragen van de ALV verwerkt waren. Het eerste besluit van deze ALV was dan ook het opheffen van de Algemene Ledenvergadering als hoogste orgaan van de vereniging met het instellen van een Ledenraad. Ook het voorstel voor de statutenwijziging wordt aangenomen.
Op 2 februari 2026 zijn deze statuten door de notaris in Rotterdam formeel gewijzigd en was Zoogdierbescherming Nederland officieel geboren. Een mooie afsluiting van de drie jaren waarin gewerkt is aan de totstandkoming van Zoogdierbescherming Nederland.
De belangrijkste succesfactor tijdens het doorlopen proces was dat de commissie steeds in gesprek bleef met de leden, de werknemers en de omgeving. Door die gesprekken werd steeds duidelijker welke problemen er speelden en welke oplossingen daarvoor in aanmerking kwamen. Maar ook kon hierdoor tussentijds steeds bijgestuurd worden, waarbij de ALV’s de belangrijkste momenten waren waarin dit gebeurde. De betrokkenheid van de leden was belangrijk en zichtbaar. Niet alleen bij de klankbordgroep, maar ook in de grote respons op de enquêtes en de deelname aan de vragenavonden en de ALV’s. De leden gingen duidelijk niet over één nacht ijs. Pas nadat ze het vertrouwen hadden dat inderdaad alles gedaan was wat mogelijk is, werd het finale besluit genomen.
Zoogdierbescherming Nederland heeft een mooie voorgeschiedenis en is voortgekomen uit een vereniging waarvan de leden met liefde, aandacht en betrokkenheid alles hebben gedaan om de nieuwe vereniging de best mogelijke start te geven. Ze hebben dat echter vooral gedaan om onze wilde inheemse zoogdieren een zo sterk mogelijke stem te geven.
Willem Ligtvoet, voorzitter Bestuur Zoogdierbescherming