Grote bosmuis
Yellow-necked mouse - Apodemus flavicollis
De grote bosmuis lijkt op het eerste gezicht sterk op zijn naamgenoot de gewone bosmuis. Maar als je goed kijkt zie je het verschil: een forsere bouw, een kenmerkende geelbruine tot oranje band rond de hals en borst. De grote bosmuis zoekt onderdak in oude bossen met een diep, oud bladerdek met veel holtes en spleten op de grond. Zulke bossen zijn zeldzaam geworden in Nederland. Als je dus een grote bosmuis aantreft is de kans dat je in een stukje echt oud bos bent groot.
De grote bosmuis is slank en heeft opvallend grote ogen en oren. De rug is geel- tot roodachtig bruin, de buik is helder wit. Kenmerkend is de geelbruine tot oranje band of vlek rond de hals en borst. De staart is lang, meestal ongeveer even lang als het lichaam of iets korter.
In oude bossen kun je de grote bosmuis kort zien wanneer hij snel door het gevallen blad schiet of langs een stam klimt. Zoek naar vraatsporen aan hazelnoten en beukennootjes: de grote bosmuis maakt een gladde, ronde tot ovale opening met fijne tandsporen aan de rand. Hij graaft eikels op eet deze ter plaatse, de dop en schilresten laat hij achter. Zijn aanwezigheid is het best aan te tonen via braakballen van de bosuil (ballen van onverteerde resten die uilen uitspugen).
De grote bosmuis leeft vooral in structuurrijke bossen met veel strooisel, oude bomen, wortels, holtes en dekking. Zulke bossen bieden voedsel, nestgelegenheid en veilige routes om zich te verplaatsen. De soort gebruikt natuurlijke schuilplaatsen, holtes, spleten en soms oude nesten om in te rusten of jongen groot te brengen. Oude bossen en kleinschalige boslandschappen zijn daarom bijzonder belangrijk.
Zijn voedsel bestaat uit een breed spectrum van planten en dieren. Zaden, noten en vruchten vormen een belangrijk deel van het dieet, maar ook knoppen, insecten en andere kleine ongewervelden worden gegeten. In de herfst legt de grote bosmuis voedselvoorraden aan, die later in de winter benut worden.
In het voorjaar en de zomer krijgt het vrouwtje meerdere worpen per jaar, met meestal enkele jongen per nest. De nesten liggen goed verborgen in holtes, onder wortels of in andere beschutte plekken. De jongen groeien snel en zijn al binnen korte tijd zelfstandig. Net als bij andere kleine muizen kunnen aantallen van jaar tot jaar schommelen, afhankelijk van voedsel, predatie en weersomstandigheden.
De grote bosmuis is een belangrijke schakel in bosecosystemen. Door zaden te verzamelen en te verplaatsen heeft hij invloed op de verspreiding van planten in het bos. Tegelijk is hij een belangrijke prooisoort voor uilen, roofvogels, vossen, marterachtigen en andere predatoren. Daarmee verbindt hij het planten- en bodemleven van het bos met hogere niveaus in de voedselketen.
- De grote bosmuis kan opvallend goed klimmen en beweegt zich ook makkelijk in struiken en lage bomen.
- De grote bosmuis bezet vaak het midden van het bos, en de gewone bosmuis de randen.
- Hij kan voedselvoorraden aanleggen voor de winter.
- Momenteel komt hij alleen nog in Oost-Nederland voor, maar hij breidt zich langzaam uit.
De grote bosmuis komt momenteel alleen nog in Oost-Nederland voor, maar breidt zich langzaam uit.
De grote bosmuis komt in grote delen van Europa voor, voornamelijk in oost- en centraal Europa. De soort ontbreekt in het noorden van Scandinavië en het grootste deel van Spanje en Portugal.
De grote bosmuis is niet opgenomen op de Rode Lijst NL Zoogdieren 2020. Het verdwijnen van oude bomen, intensief bosbeheer en het verlies van een rijke strooisellaag kunnen de soort echter lokaal onder druk zetten. Anders dan de gewone bosmuis heeft de grote bosmuis minder uitwijkmogelijkheden naar meer open landschappen zoals tuinen of parken. Behoud van gevarieerd en oud bos is daarmee extra belangrijk voor deze soort.
Laat dood hout en dikke takken in een hoekje van je tuin liggen en plant inheemse struiken en bomen. Die rommelige, gelaagde structuur trekt niet alleen de grote bosmuis aan, maar biedt ook schuilplekken en voedsel voor tal van andere soorten.
De grote bosmuis is niet opgenomen op de Rode Lijst NL Zoogdieren 2020. De soort is niet opgenomen in de Habitatrichtlijn (1992) en ook niet in de Conventie van Bern (1982). De grote bosmuis valt in Nederland wel onder de algemene bescherming van inheemse zoogdieren; onnodige verstoring of het doden van dieren in het wild is niet toegestaan.