Woelrat
Water vole - Arvicola amphibius
Wie langs een slootkant kijkt en ineens een stevig, donker dier ziet wegschieten in het riet, denkt misschien aan een rat. Maar grote kans dat het een woelrat is. De woelrat is een echt oeverdier, maar duikt ook op in akkers en graslanden. Dat aanpassingsvermogen aan droge gebieden, gecombineerd met zijn verborgen leefwijze, maakt hem tot een soort die vaker aanwezig is dan iedereen denkt.
De woelrat is een grote, stevige woelmuis met een brede kop, stompe snuit, kleine in de vacht verborgen oren en een relatief korte, behaarde staart. Zijn rug is donker- tot zwartbruin, de buik is iets lichter. De woelrat is compacter dan een bruine rat, heeft een kortere snuit, kleinere oren en een duidelijk harige staart. Juist dat verschil is belangrijk, want door zijn formaat en donkere kleur wordt hij vaak met een rat verward.
De woelrat verraadt zich langs het water op een aantal manieren. Het meest kenmerkend zijn de afgekloofde stengels van riet en lisdodde die vlak boven de waterlijn zijn doorgeknipt en vaak drijven of op de oever liggen. Zoek ook naar ingangen in oevers net boven of op de waterlijn: ronde, gladde openingen van vijf tot acht centimeter doorsnede zonder aarde ervoor. Platgetreden paden door de oeverbegroeiing langs slootkanten zijn andere aanwijzingen. In rustige gebieden is de woelrat soms kort zichtbaar terwijl hij zwemt, waarbij hij laag in het water ligt en een klein spoor van golfjes achter zich aan trekt.
De woelrat leeft in dichte vegetaties langs waterkanten, in natte graslanden en op plekken met voldoende schuilgelegenheid en voedsel. Hij graaft holen en gangen in oevers, taluds en droge delen van zijn leefgebied. In natte territoria spelen stabiele waterstanden, dichte oevervegetaties en rustige oevers een belangrijke rol. Ook op drogere plekken kan hij voorkomen, zolang er voldoende voedsel en dekking aanwezig is.
Het voedsel van de woelrat bestaat vrijwel volledig uit plantaardig materiaal. Hij eet grassen, kruiden, waterplanten, wortels, knollen, riet en soms bast van jonge bomen of struiken. Door zijn vraat kan hij lokaal veel invloed hebben op de vegetatie. In oevers en natte graslanden laat hij vaak duidelijke vraatsporen achter aan stengels en wortelstokken.
In het voorjaar en de zomer kan het vrouwtje meerdere worpen krijgen. Het nest ligt goed verborgen in holen of in dichte vegetatie. De jongen groeien snel en zijn al binnen korte tijd zelfstandig. Net als bij andere woelmuizen kunnen populaties van jaar tot jaar sterk schommelen, afhankelijk van voedsel, waterstand, weersomstandigheden en predatie.
De woelrat is een belangrijke planteneter in oever- en graslandecosystemen en vormt tegelijk een prooisoort voor roofvogels, uilen, reigers, vossen en marterachtigen. Door zijn invloed op de begroeiing en zijn plek in de voedselketen betekent hij ecologisch veel meer dan zijn verborgen manier van leven doet vermoeden.
- De woelrat is ondanks zijn naam geen rat, maar een grote woelmuis.
- Hij kan zowel in natte oevers als in drogere graslanden leven.
- De woelrat wordt vaak eerder aan vraatsporen en oevergaten herkend dan aan een directe waarneming.
- Soms kan de woelrat goed zwemmen en daardoor benut hij ook watergebonden territoria.
De woelrat komt in grote delen van Nederland voor, vooral in waterrijke gebieden, oeverzones en natte graslanden. Plaatselijk kan hij algemeen zijn, maar door zijn verborgen leefwijze wordt hij niet altijd opgemerkt.
De woelrat komt in grote delen van Europa en Azië voor. Binnen dat verspreidingsgebied bewoont hij uiteenlopende natte en halfopen landschappen met voldoende vegetatie en voedsel.
De woelrat geldt in Nederland niet als bedreigd, maar is wel afhankelijk van voldoende dekking, voedsel en geschikt oever- of graslandhabitat. Intensief schonen van oevers, grootschalig maaibeheer en verlies van structuurrijke waterkanten kunnen lokaal nadelig zijn. Omdat de soort soms schade veroorzaakt aan gewassen of oevers, wordt hij niet overal positief bekeken, terwijl hij ecologisch een belangrijke rol vervult.
In beheer helpt het wanneer oevervegetaties, ruige randen en natte graslanden niet overal tegelijk worden gemaaid of geschoond, zodat dekking en voedsel beschikbaar blijven. Vermijd intensief oeverschonen dat de natuurlijke structuur wegneemt. Stabiele waterstanden en geleidelijke oeverovergangen zijn essentieel voor een gezonde populatie woelratten.
De woelrat staat op de Rode Lijst NL Zoogdieren 2020 als 'thans niet bedreigd'. De soort is niet opgenomen in de Habitatrichtlijn (1992) en ook niet in de Conventie van Bern (1982). De woelrat valt in Nederland wel onder de algemene bescherming van inheemse zoogdieren; onnodige verstoring of het doden van dieren in het wild is niet toegestaan.